Groenelandse straatje

Veel volksmuzikanten kennen dit lied, niet op de laatste plaats door de uitvoering ervan door Alfred en Kristien den Ouden op hun derde elpee: Traditionele volksmuziek uit Frans- Vlaanderen en door de groep Fungus op hun elpee: Lief ende Leid. Zelf tekende ik het lied op in Loosbroek en mijn geboorte- en woonplaats Schijndel, twee gemeentes in Noord-Brabant.
De Schijndelse optekening bevat zeven coupletten:

1.
Ik ben er dat groenelandse straatje
Al zo dikwijls ten einde gegaan,
En daar ben ik mijn zoetlief verloren
En dat hebben mijn vrienden gedaan (2x).

2.
Niet langer dan gisterenavond
Klopte ik er bij haar aan de deur,
En ik sprak er: lief Betje doe open
Doe toch open, want ik sta d’r veur (2x).

3.
Neen, ik doe er voorwaar niet open
Want er is een ander lief in,
Gij komt er voorwaar niet binnen
Gij komt er voorwaar niet in (2x).

4.
Ach, lief Betje, als jij komt te trouwen
Mag ik op uwe bruiloft zijn,
Op mijn bruiloft hoef jij niet te wezen
Op mijn bruiloft mag jij er niet zijn (2x).

5.
Ach, lief Betje, als jij komt te sterven
Mag ik op uw begrafenis zijn,
Dan zal ik op uw grafsteen nog schrijven
Hier rust nog een zoetlief van mij (2x).

6.
Op mijn begrafenis mag jij er niet wezen
Op mijn begrafenis mag jij er niet zijn,
Want er zijn nog zoveel van die vrijers
En die staan onder de gratie van mij (2x).

7.
Ach, lief Betje, als ik er niet mag wezen
Als ik bij jou toch niet mag zijn,
Dan wens ik u nog voor het laatste
Nog eenmaal ene goede nacht (2x).

In Loosbroek is het een soort kinderlied geworden van één couplet met een ritmisch begeleiden in ’n maat van respectievelijk elleboog, pols en knokkels.
Dit gaat zo de hele melodie door.

‘k Ben er dat groenelandstraatje
Zo dikwijls ten einde gegaan,
Daar heb ik mijn zoetlief verlaten
Dat hebben mijn vrienden gedaan (2x).

Naar aanleiding van deze twee optekeningen ben ik in de literatuur op zoek gegaan naar achtergrondinformatie over dit lied.

Hoe oud is het lied?

Kalff (Het lied in de middeleeuwen) zegt dat het lied Ik ben er de groene straatjes nog uit de 17de eeuw is.
Hij vergist zich evenwel. Het lied is al gezongen in de 16de eeuw. Als wijsaanduiding komt het voor in het liedboekje Veelderhande schriftuerlicke nieuwe liedekens, Haarlem, 1598.

Waar kwam het lied voor, wat was het verspreidingsgebied?

Het lied was bekend van Noord-Frankrijk tot de Oostzeelanden. Er zijn o.a. optekeningen bekend uit Duinkerken (F.), Nederland (in practisch alle provincies was het lied bekend) en Duitsland.

Volgende de Coussemaker (Chants populaires des Flamands de France) lijkt het lied van Vlaamse afkomst te zijn. De eerste vijf coupletten van zijn optekening komen als variant voor in een liedbundeltje genaamd: Nieuw liedboek genaemd het Brabandse nagtegaelken, Gent, L. van Paemel, zonder jaartal.
Volgt dit lied.

Luisterbestand: Ik heb de groene straatjes.

1.
Ik heb de groene straatjes
zo dikwijls ten einde gegaan
dat mijn lief moet verlaten
dat hebben mijn vrienden gedaan.

2.
Ik zal haar nooit niet verlaten
al waren zij nog zo gram
ik zal haar gedachtig wezen
tot dat ik er sterven zal.

3.
Niet langer als gisteren avond
stond ik voor mijn zoete liefs deur
en ik zeid´ haar: wel Bethje doet open
doet open, ik sta er hier veur.

4.
´k en doe er voorwaar niet open
´k en laat u voorwaar niet in
gaet naar huis en legt u tot slapen
daar is hier een ander lief bin.

5.
Is er nu een ander lief binnen
dat ik u niet spreken en mag
zo wens ik u dan voor ´t leste
nog enen plaizierige nacht.

Volgens Lootens en Feys (Chants populaires Flamands),  werd het lied, Bethje genaamd, in het begin van de 19de eeuw door kinderen genoemd: La chanson Hollandaise, dit veronderstelt een Nederlandse afkomst!
Nu het lied uit het liedboek van Lootens en Feys:

Luisterbestand: Ik heb er de groene straatjes.

1.
Ik heb er de groene straatjes
zo dikwijls ten einde gegaan
alwaar ik mijn liefje zag sluiten
dat hebben mijn vrienden gedaan.

2.
Niet langer als gister avond
stond ik voor mijn zoeteliefs deur
en ik zei er: wel, Bethje doe open
doe open en laar er mij in.

3.
Ik en doe er voorwaar niet open
ik en laat u voorwaar niet in
ga naar huis en leg u te slapen
hier is er een ander lief in.

4.
Wel Bethje als gij komt te trouwen
en schrijf er mij enen brief
dat ik in uw bruiloft mag komen
om te kiezen een ander lief.

5.
Gij zult in mijn bruiloft niet treden
gij zult in mijn bruiloft niet zijn
gij zult in mijn bruiloft niet komen
om te kiezen een ander lief.

6.
Wel Bethje als gij komt te sterven
ik zal schrijven op uw graf
ik zal schrijven op uw grafje
hier ligt er het liefje van mij.

7.
Mijn schuitje is mij ontvaren
mijn ankertjes en lagen niet vast
ik heb er mijn liefje verloren
‘k en heb er niet wel opgepast.

Onder welke titels is het lied bekend?
De meeste titels zijn varianten van Het Groenelandse straatje.
Andere titels zijn:

  • Bethje.
  • Lief Betje.
  • Krelis en Betje.
  • Knelis en Wupke.
  • Jan- Willem en Betje.
  • De klappende nachtegaal.

Hoeveel coupletten zijn er oorspronkelijk geweest?
Een variant met vijf coupletten is bekend, in het zojuist genoemde Brabandsch nagtegaeltjen, en er is een redactie met twaalf coupletten en dat vind je in: Het oude Nederlandse lied, van Fl. van Duyse, deel 1. Den Haag/Antwerpen, 1903.

Wat is de functie van het lied en wanneer werd het gezongen?

1. Het is een liefdeslied in dialoogvorm. De dialoog wordt gehouden mdoor de afgewezen minnaar en zijn geliefde.

2. Het is ook een verhuislied.
Het verhuizen van de meiden, kne3chten of pachters gebeurde vroeger op Sint Jansdag (24 juni). Dit is een Christelijke feestdag
die voortkomt uit het oude Germaanse Midzomerfeest. Op deze dag werden Sint Jansliederen of verhuisliederen gezongen bij      het afhalen van de meid of knecht, bij ‘t wegrijden, onderweg naar ‘t nieuwe adres en bij aankomst bij ‘t nieuwe adres.
Het lied Ik ben er de groene straten werd in deze cyclus gezongen, onderweg.
Behalve gezongen werd er overigens ook nog gedanst bij ‘t verhuizen.

Tekstverklaren.

Er is al veel geschreven over de betekenis van Het groenelandse straatje. Heel veel zinnigs daarover heb ik niet kunnen vinden. Toch wat opmerkingen.
Groen is de kleur van de vrolijkheid en de levenslust, ‘t staat voor jeugdig, bloeiend, fris, wulps, dartel wellustig en begeerlijk.
Denk aan groene bruiloft, groen achter de oren enz.
Er zijn een aantal uitdrukkingen die betekenen: met iemand uit vrijen gaan.

1. in ‘t groene gaan.
2. enen over die heyde voeren.
3. iemand aan een groen-heyden leyden.
4. iemand door de groene hey leyden.

De meest voor de hand liggende conclusie is dan dat Het groenelands straatje het vrijerspad is en dat ik ben er dat groenelandse straatje al zo dikwijls ten einde gegaan betekent: uit vrijen gaan.

Ga naar boven