Liedt vande vindinghe van enen meulen

De volledige titel van lied is: Liedt vande vindinghe van enen meulen op den welcken dat doof, blindt oft manck cryght weer tgehoor, gesicht en ganck.
Stemme: Vande valsche munters oft vande sonnekens.

1.
Sa komt hier van alle kant
Dochters van mal fortuin
Fa: la, la, la, la, la, la.
‘k Heb hier stoffe bij de hand
Om u iets goed ste vergunnen
Fa: la, la, la, la, la, la.
Zijt gij scheel, of scheef of mank
Gij raakt hier op de ganck
Van toere, loure, la
La, la, la, la, la, la, la, la.

2.
Deze molen ongefaald
Is eerst in het licht komen
De mulder die daar op maalt
Die mag hem daarop beroemen
Dat hij als een deftig man
Iedereen gerieven kan.

3.
Dit blijkt aan ons scheel Cathrien
Die voor desen was int lijden
Omdat zij niet recht kan zien
Heeft zij ’t malen willen lijden
Door ’t malen heeft zij op recht
Nu allebei haar ogen recht.

4.
Daar die molen staat geplant
Komen dagelijks met heel hopen
De dochters van alle kant
Dapper daar naar toe gelopen
Manke Kaat en scheve Trijn
Ieder tracht ons voor te zijn.

5.
Ziet ons Liesbeth eens aan
Voor deze vol ongenuchten
Zij moest met twee krukken gaan
Dat deed haar al dikwijls zuchten
Zo haast zij dit had verstaan
Wou zij naar de molen gaan.

6.
’t Malen docht haar niet te straf
Als zij maar was uit verseeren
Men maalt haar zo klein als kaf
Om haar lijf te transformeren
Ziet eens wat zoet gelaat
Zij nu van de molen gaat.

7.
Ziet daar komt er weer een troep
Aangelopen om te scheuren
Zij willen op dit geroep
Nu niet langer blijven treuren
Want de molen schoon en groot
Zal hun helpen uit de nood.

8.
Daar komt nu Tony te Post aan
Met haar heimelijke kwalen
Pieternel en blijft niet staan
Maar wil haar ook laten malen
Allegond met haar leep oog
Die komt hier al me omhoog.

9.
Hier worden zij met geduld
Van hun kwalen al genezen
Al had ieder enen bult
Of wel een verrompeld wezen
‘ t Komt van noord, zuid, west en oost
Iedereen wordt hier getroost.

10.
Komt hier dan grieten tesaam
Hebt gij gebrek aan uw leden
De mulder maakt bekwaam
Door het malen en herkneden
Al was uw maagdom int verseer
Gij krijgt hem hier nog eens weer.

11.
Ziet Jenno, Luci en San
Blazen door ’t brandewijn zuipen
Zij en konden nauw meer gaan
Moesten de molen opkruipen
Ziet nu eens hoe schoon en rein
Dat zij door het malen zijn.

12.
Mans die hebt een wijf tot spook
Wilt ze naar de molen sturen
Men zal die helpen ook
En haar leren goede manieren
Is zij bot of obstinaat
Straks maar naar de mulder gaat.

13.
Oorlof dan allen tesaam
Wilt de molen niet verfoeien
Want ziet eens hoe aangenaam
Dat hij hier nu staat te bloeien
Die is aan het lijf gebreek
Zulks maar naar de molen treek.

Ga naar boven