Al in de stad van Wenen

Dit hoofdstuk bestaat uit vier onderwerpen:

Al in de stad van Wenen
Ware liefde
Al in die stad van Leuven
In Wenen, oh, ja die schone stad

Al in de stad van Wenen

De Zangeres Zonder Naam (wijlen Rietje Bey ofwel Mary Servaes) heeft gedurende haar lange carrière ontzettend veel liedjes onsterfelijk gemaakt. Niet alleen Johnny Hoes schreef voor haar, ook teksten van Lou Bandy en Willy Derby werden door haar vertolkt. Ook traditioneel materiaal is voor de Zangeres Zonder Naam bewerkt, en de ouderen onder ons kennen ongetwijfeld klassiekers als Achter in ’t stille klooster en Eduard en Helena, elders op deze website gepubliceerd. In deze bijdrage gaat het over een speciale ‘gouden hit’: Het soldaatje, ofwel Het lied van de raadsels.
In Hilvarenbeek heb ik in 1978, bij mevrouw van de Broek- van Kemenade elf coupletten van het lied opgenomen.

Luisterbestand: Al in de stad van Wenen.

 

 

 

 

 

1.
Al in de stad van Wenen, daar in die mooie stad
Daar heeft een jong soldaatje zoveel plezier gehad (2x)

2.
Hij wilde deserteren, dat deed hij voor zijn Mien
Om haar nog eens te spreken, om haar nog eens te zien (2x)

3.
Maar ach, wat trof dat vreselijk, want plotseling kwam de wacht
Die hebben hem gevangen en naar ´t schavot gebracht (2x)

4.
Soldaatje moest nu sterven, soldaatje moest nu dood
Voor hem was geen genade, de koning dit ´t gebood (2x)

5.
Zijn schat ging naar de koning, laat mijn soldaatje vrij
Ik wil hem graag voor altijd, voor altijd weer bij mij (2x)

6.
Ik zal vier raadsels geven, en als u die dan raadt
Bent u nog hedenmorgen voor goed bij uw soldaat (2x)

7.
Zeg mij wat is een koning, ´n koning zonder land
Zeg mij wat is het water, het water zonder zand (2x)

8.
De koning op een speelkaart, is ’n koning zonder land
De tranen in mijn ogen, is ’t water zonder zand (2x)

9.
Zeg mij wat is de sleutel, die op alle sloten past
Zeg mij wat is een spiegel, ’n spiegel zonder glas (2x)

10.
’t Geld dat is de sleutel, die op alle sloten past
Een hart vol ware liefde is een spiegel zonder glas (2x)

11.
Zo redde zij haar lieveling al van een wisse dood
Was dat geen ware liefde, die ’t meisje aan hem bood (2x)

Uit de volksliedliteratuur zijn een aantal varianten bekend, zowel wat betreft de melodie als wat betreft de tekst. Bij de tekstvarianten zijn de inleidende en afsluitende coupletten meestal verschillend, de raadsels en antwoorden daarop, komen telkens overeen.
Dit titels van het lied zijn niet zo afwijkend:
• De vier raadsels.
• Het soldaatje van Wenen of gewoon Het soldaatje.
• Alleen in Twente was het lied bekend als Al in die stad van Leuven (Bartelink).
Hetzelfde lied, maar dan met 13 coupletten vond ik op een liedblad in de Liederenbank, Ware liefde.

Terug naar boven

Ware liefde

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Terug naar boven

Al in die stad van Leuven

Deze tekst staat in Twents Volksleven van G.J.M. Bartelink en het lied heet daar: Al in die stad van Leuven.
Omdat hier een melodie genoteerd staat, past de tekst van het liedblad precies op de melodie zoals die in Twente is opgetekend.

Luisterbestand: Al in die stad van Leuven.

 

 

 

 

 

 

 

Tjaard de Haan publiceerde het lied in zijn Straatmadelieven6, hij noemt het een Katwijkse volksmondlezing, ook met 13 coupletten die weer even anders zijn de coupletten van het liedblad Ware liefde. De Haan beweert verder dat het lied tussen 1870 en 1890 een zeer populaire walsmelodie was van: In Böhmen liegt ein Städtchen.

De meest afwijkende tekstvariant vond ik in Het Straatlied, nieuwe bundel2 van D. Wouters en J. Moormann.

 

 

 

 

 

 

 

Terug naar boven

In Wenen, o, ja die schone stad.

De Nieuwe raadsels
of
De trouwe minnares, die alles raden kan om haar minnaar van de dood te bevrijden

1.
In Wenen, in Wenen, o ja die schone stad!
Die duizenden soldaatjes in zich bevat,
Daar was een lief meisje, die zoo trouw bemint.
Zij had een soldaatje tot haar beste vrind;
Hij ging deserteren om zijn bruid te zien,
Daar hij goed wist, dat dit niet mocht geschien,
Men zette hem gevangen, o wat verdriet zo groot,
Zijn vonnis werd geveld, o ja, het was de dood.

2.
Het meisje werd woedend, liep dan ook terstond,
En wierp zich voor den overste op de grond,
Ach, heer overste, maak mijn soldaatje vrij,
Dan maakt gij mijn hart zo verheugd en zo blij.
Ach, heer overste, ik geef u een som geld,
Zo gij misschien daar op zijt gesteld.
Ach, denk mijn ongeluk is zo groot,
Verschoon mijn soldaatje van de bittere dood.

3.
Uw soldaatje moet sterven volgens de wet,
Daar heb ik mij eenmaal nu op gezet,
Doch ik zal u drie raadsels geven,
Als gij die raadt, redt gij zijn leven;
Raadt gij ze, dan wordt hij gered,
Als gij op mijn woorden let,
Anders is het met hem gedaan,
Dan moet hij zeker sterven gaan.

4.
Zegt mij, bestaat er een koning zonder land
Waar is er water zonder zand,
Wat is er meer als al het geld op aard,
Wat is voor ieder miljoenen waard?
Hoe reist men de aarde in een etmaal rond,
Nu, lief meisje, kom zeg het terstond,
Gij redt dan zijn leven, ik hoor u al aan,
Kom raadt dan, want anders is het gedaan.

5.
Een koning op de kaart die heeft er geen land,
Water in de ogen, is zonder zand,
Vergenoegdheid is de grootste schat op aard,
Gezondheid is voor de mens alles waard.
Zet u op de zon, zo komt gij er gewist,
Daar die bepaald op zijn tijd daar is,
Is dit antwoord naar uw begeer,
O red hem dan, ik bid u, mijnheer.

6.
Zeg mij, is er wel water zonder vis,
Zeg mij, wat erger dan de dood wel is?
Wie is de grootste macht in elk geval,
Wie dringt zich in, schier overal?
Waar is de iets, dat ieder hebben moet?
Neem u in acht en raad weder goed,
O, meisjelief, zijn leven hangt er van af.
Anders ondergaat hij zijn verdiende straf.

7.
In een regenbak vindt men geen vis,
Een kwade vrouw erger dan de dood is,
God is de grootste macht, die stemt ieder in,
De kleine vlieg dringt overal in,
Geduld moet men hebben zolang men leeft,
Mijn antwoord is immers goed, nu daarbij,
Mijnheer overste, laat mijn soldaatje nu vrij.

8.
Waar is een spiegel al zonder glas,
Wat komt in de wereld het meest te pas?
De sleutel die op alle sloten past,
Wat kan men niet grijpen als men er naar tast?
Wat verliest de mens niet voor zijn dood?
Raad dit nu eens in je hoge nood,
En als gij het raadt, dan is hij vrij.
En ik trakteer hem op rijstebrij.

9.
De spiegel van het hart die heeft geen glas,
Verdraagzaamheid komt het meest te pas.
Het geld opent alle sloten gewis,
’t Is de mist die niet te grijpen is,
De hoop verlaat niemand zolang hij leeft,
Thans uw woord van eer, dat gij mij geeft:
Ach, heer ik heb nu mijn gedaan,
Laat mij nu vrolijk van u gaan.

10.
Welaan, hij heeft genade, hij is vrij,
Maakt u vrolijk, verheugd en blij.
Nu zullen wij vrolijk bruiloft houwen,
Naar onze zin maar dadelijk trouwen,
Levendigheid naast dodelijke angst,
Smaalt zoveel zoeter en duurt ook het langst.
Zo redde een meisje haar vriend van de dood.
Is zulk liefde waarlijk niet groot?

De raadsels in zo’n lied worden ook wel Richterraadsels genoemd. Een raadsel is volgens woordenboek Van Dale een opzettelijk duister geformuleerde vraag of omschrijving, waarmee men de hoorder of lezer op een dwaalspoor tracht te brengen aangaande zaak die men bedoelt, in het bijzonder om zijn vernuft op de proef te stellen. Richter is ook een verouderd woord voor rechter en dat verbaast niet als je weet dat richten in het zeventiende-eeuws Nederlands zoveel betekent als recht doen, oordelen, beslissen en vonnissen.

Volgens Van der Laan worden de raadsels opgegeven aan de rechters: als zij het niet konden raden, was de ter dood veroordeelde vrij. Ook gaven de rechters zelf soms het raadsel op: als de veroordeelde dan het goede antwoord kon geven, mocht hij vrij zijns weegs gaan. Aldus Ter Laan in zijn Folkloristisch Woordenboek. De deserteur uit het lied kwam dus vrij toen zijn lief de raadsels wist op te lossen.

Ga naar boven