Gezworen broeders

Er wordt wel eens beweerd dat Bruiloft te Kana refereert aan de maaltijden die gehouden werden met de gezworen broeders van de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap te ‘s-Hertogenbosch. Veronique Roelvink wijdt hier een hoofdstuk aan, de maaltijden van de gezworen broeders, in haar Gegeven den Sangeren, meerstemmige muziek bij de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap te ‘s-Hertogenbosch in de 16 de eeuw.

Wat waren gezworen broeders?
Roelvink legt het uit.
Dit waren clerici, mannen die waren opgenomen in de geestelijke stand. Zij hadden daartoe de kruinschering of tonsuur ontvangen. Zij hadden bij hun aantreden een eed op het evangelie afgelegd.
Het waren geen priesters, daarvoor zouden zij nog zeven wijdingen moeten doorlopen.

Naast de groep gezworen Broeders ontstond in de 14de eeuw een groep zogenaamde buitenleden. Dit waren mannen en vrouwen die geen eed op het evangelie hadden afgelegd en deze groep leden had niets te maken met de dagelijke gang van zaken binnen de Broederschap.
Een derde soort leden waren de zogenaamde Zwanenbroeders, zij waren geen clerici. Oorspronkelijk waren zij de schenkers van de zwaan die gegeten werd tijdens een maaltijd van de gezworen Broeders. Zij konden formeel geen gezworene worden.

Samen met de gezworene vormden zij de kernleden van de Broederschap. Tot op de dag van vandaag heeft de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap de bijnaam Zwanenbroederschap.

Van haar publicatie maak ik dankbaar gebruik in het nu volgende hoofdstuk.

Overigens: het prachtige boek is uitverkocht bij uitgever Adr. Heinen te ‘s-Hertogenbosch, maar is nog te verkrijgen in Museum Het Zwanenbroedershuis, Hinthamerstraat 94 in ‘s-Hertogenbosch en bij Veronique Roelvink zelf, donaas@kpnmail.nl

Een belangrijk onderdeel van het 16de eeuwse broederschapsleven van de gezworen Broeders en de Zwanenbroeders was het regelmatig gezamenlijk nuttigen van een maaltijd.
Deze maaltijd werd gehouden tijdens een vergadering van de gezworen Broeders.

Jaarlijks werden 9 à 10 maaltijden gehouden in eigen huis, (bedoelt wordt Het Zwanenbroedershuis in de Hinthamerstraat in ‘s-Hertogenbosch) of bij een kernlid thuis.
Tijdens iedere maaltijd fungeerde een gezworen Broeder of een Zwanenbroeder als gastheer, ook wel die wert genoemd. De gastheer was duidelijk herkenbaar: hij droeg een krensken.
Dit attribuut was gemaakt van verguld zilver en bezet met parels. In 1545 werd een zilveren plaatje in het krensken gemaakt, waar bloemen in gestoken konden worden.

Twee van de jaarlijkse maaltijden hadden een bijzonder karakter, namelijk de zwanenmaaltijd en de maaltijd Letare Jerusalem,
respectievelijk de 5de en 7de maaltijd van het jaar.
De zwanenmaaltijd was de enige maaltijd die vanaf 1484 altijd in het eigen huis gehouden werd en wel op de maandag na het feest van
Onnozele Kinderen (28 december).
In principe werden de zwanen geschonken en de laatste zwanenmaaltijd werd gehouden in 1573.

De maaltijd Letare Jerusalem was de enige maaltijd die niet op maandag gehouden werd, maar op zondag: namelijk de zondag Letare Jerusalem (halfvasten). Tijdens deze maaltijd werd uitsluitend vis gegeten.
Het is nu meteen duidelijk dat de bruiloft van Kana geen verband houdt met deze maaltijd. Er is geen vis te bekennen en bovendien worden er door twee bedienden duidelijk vleesgerechten opgevoerd.

Tijdens de maaltijden dronken de Broeders wijn uit tinnen kannen, drinckpotten genoemd.
In totaal bezit de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap nog achttien van deze bijzondere tinnen potten, waarvan er drie een reproductie zijn van een origineel.
Hier twee afbeeldingen van drinckpotten:
De linker afbeelding staat in Gegeven den Sangeren van Veronique Roelvink, de rechter afbeelding staat op een folder over Museum Het Zwanenbroederhuis in ‘s-Hertogenbosch.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nu komen we aan ‘t punt waarom het eigenlijk begonnen is in deze bijdrage: zang en muziek tijdens de maaltijden.
We volgen Roelvink weer:
Algemeen wordt aangenomen dat de maaltijden werden opgeluisterd met zang en instrumentale muziek.

Over de zangers, zowel eigen leden als gastzangers, wil ik het hier niet hebben omdat de aandacht nu vooral gaat naar de twee muzikanten in de linker bovenhoek van het schilderij.
Een doedelblaas- en doedelzakspeler zijn immers niet in staat te zingen tijdens het blazen op hun instrument.

Het kwam voor, aldus Roelvink, dat ook gastmuzikanten of gastzangers bij de maaltijden mee musiceerden. Meestal worden zij aangeduid als vreemde speellieden, maar een enkele keer is de beschrijving nauwkeuriger.
In het jaar 1542 werden de Broeders vereerd met het spel van muzikanten uit het koninkrijk Polen.
Dit is een interessant gegeven dat nader onderzoek behoeft.
Wat waren dit voor muzikanten en was bespeelden zij? En wat is de relatie tussen het Koninkrijk Polen en ‘s-Hertogenbosch?

Veronique Roelvink noemt een aantal muziekinstrumenten dat zeker geklonken heeft tijdens de zwanenmaaltijden:
klavecimbel, violen, draagbaar orgeltje, zink.
In het jaar 1561/1562 schaften de Broeders vijf Engelse violen aan, waarschijnlijk worden hier viola-da-gamba’s bedoeld. Deze violen werden bespeeld door muzikanten die ook zanger waren.
Er is dus helaas geen sprake van doedelblaas- en/of doedelzakspelers.

We kunnen nu wel concluderen dat het schilderij de bruiloft te Kana geen maaltijd voorstelt van de Zwanenbroeders:
1. niemand draagt een ‘krensken’,
2, er zijn geen ‘drinckpotten’ te zien,
3. er ligt geen zwaan op de schaal die uitgeserveerd wordt door een bediende.
Het dier heeft misschien wel het lijf van een zwaan, maar de kop is duidelijk een slang.
Kijk maar eens naar de volgende afbeelding!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ga naar boven