Liedveldwerk

 

In de loop van zo’n dertig jaar, te beginnen in de jaren 1978-1979, heb ik een groot aantal liederen opgetekend uit de ‘volksmond’ zoals dat zo fraai heet en wat je officieel liedveldwerk of veldonderzoek noemt . Een meer wetenschappelijke term is: oral history, ofwel in het Nederlands: mondelinge geschiedenis. Ik heb dit vastleggen van het mondeling overgeleverde lied nooit gedaan uit wetenschappelijke overwegingen. Ik wilde een eigen, liefst origineel liedrepertoire opbouwen voor onze volksmuziekgroep ‘Mie Katoen’.

Op een gegeven moment ging ik ook het belang inzien om al dit moois vast te leggen. Met elke volgende generatie verdwijnt er tenslotte weer wat van dit onderdeel van onze volkscultuur, van een stukje cultureel erfgoed.De inleidende gesprekjes die ik had met mijn zegslieden legde ik vast op tape. Als je af en toe zo’n opname eens terugluistert worden er toch wel leuke dingen gezegd over de herkomst van een lied, van wie het lied geleerd is en wanneer het gezongen werd, bij welke gelegenheid. De liedjes werden bij de mensen thuis opgenomen, soms in de keuken, soms op de gang of buiten op het terras, meestal gewoon in de huiskamer. Het wonderlijke was dat de mensen altijd tegen mij spraken in ’t dialect en vervolgens in ‘gewoon’ Nederlands zongen. Aanvankelijk begreep ik dit niet, maar later kwam ik er achter dat dit te maken had met de manier van overlevering van de liederen. Ze werden namelijk in de meeste gevallen in gedrukte vorm aangeboden en door de mensen gekocht in de vorm van losse liedbladen en liedboekjes en daarin stonden geen teksten in ’t dialect.

Na een eerste kennismaking, waarbij ik mijn bedoeling van het bezoek uitlegde - het verzamelen van oude liedjes – werd er al gauw verteld over vroeger, soms aan de hand van oude foto’s waar de ouwelui nog opstonden of het ouderlijk huis, in Noord-Brabant meestal een boerderij. Als tenslotte de koffie was ingeschonken begon men te zingen, oude liedjes van vroeger, nog in de herinnering voortlevend en geleerd van opoe of opa, van moeder, vader of een oom en tante. Ook op de lagere school werd vaak gezongen en, hoewel voor veel mensen lang geleden, men kon zich dit liedrepertoire nog goed herinneren. Ook vriendinnen of zussen onder elkaar zongen liedjes, deze werden in schriften geschreven of men schreef ze van elkaar over.

Liedjesschriften
De liedjes werden meestal uit deze liedjesschriften gezongen, soms uit het hoofd en dan was het iedere keer weer verbazingwekkend hoe iemand een lied met bijvoorbeeld een tiental strofen of nog meer, van buiten kon zingen! Het was soms vele jaren geleden dat iemand een bepaald lied voor het laatst had gezongen. In de beginjaren van mijn liedveldwerk kreeg ik deze liedjesschriften nog mee naar huis, later ging men ook binnen een gezin het ‘belang’ ervan inzien en werden ze niet meer weggegeven. Dit kostte me veel werk extra; ik moest de schriften kopiëren en later weer terugbrengen. Ik had het er graag voor over!
De liedteksten werden niet altijd in schriften geschreven. Soms pakte men een willekeurig stuk papier of karton, bijvoorbeeld van een oude kalender. Hier een voorbeeld van het lied over het vrouwtje van Stavoren waarbij het stukje karton optimaal gebruikt is. Het handschrift is van mevrouw Schelle-Habraken uit Udenhout.

Ook op straat leerde men elkaar liedjes, waar meestal een spelletje bij hoorde. Dit repertoire zou ik willen bespreken bij de kinderliedjes waarvan ik er veel heb genoteerd in de loop der jaren. Kinderliedjes en kinderspelletjes wordt een apart hoofdstuk op deze website.

Er werd gezongen onder ’t werk, of dat nu thuis was, in de fabriek of buiten in ’t veld. Thuis werd er nogal eens gezongen onder de afwas of ’s avonds als het al donker begon te worden, we hebben het over een tijd waarin er nog geen radio was, laat staan een platenspeler of televisie.

De weinige feesten die men vroeger had waren meestal verjaardagen en bruiloften en deze gelegenheden werden natuurlijk aangegrepen om samen o.a. liedjes te zingen en voordrachtjes te doen. Er waren ook huisgenoten of familieleden die bij iedere bijzondere gelegenheid hun ‘eigen’ lied zongen. Misschien komt hier wel het lied vandaan ‘drie maal drie is negen, ieder zingt zijn eigen lied’? Ook voordrachten waren populair en hier zijn er gelukkig veel van bewaard gebleven.

Feestgidsen
Ter gelegenheid van bruiloften, en dan moet je ook denken aan zilveren en gouden bruiloften, werden meestal feestgidsen gemaakt en ook daarin stonden liederen die door iedereen meegezongen konden worden omdat de tekst gemaakt werd op een bestaande, bekende melodie. In de loop der jaren heb ik nogal wat feestgidsen verzameld en die geven een indruk hoe een bruiloft gevierd werd en wat er zoal gezegd en gezongen werd op zo’n feestdag of -avond.

Hier twee willekeurige afbeeldingen van feestgidsen. De mensen waar het om gaat ken ik niet.

Ga naar boven