Doodsklok in Vlaanderen

Over het luiden van de doodsklok bij onze zuiderburen vinden we nog interessante gegevens in een bijdrage van Mts Van Coppenolle in Volkskunde, 52ste jaargang, 1951: Uitvaartgebruiken in Westvlaanderen. Van Coppenolle geeft vier manieren aan hoe je in Westvlaanderen te weten kwam als er iemand was overleden. • De nodere of de biddere, zij laten aan de buren en medeparochianen weten wie er gestorven is. • De doodbrief. • De rouwplakbrief. • Het luiden van de doodsklok. (men luidt over dood). Over dit laatste gaan we het nu wat uitgebreider hebben.

Van Coppenolle: Aan het langzaam luiden of wenen, aan het kleppen met de kleine klok of schelleken, of het bonzen met de zware klok of het luiden met de drie klokken, aan het tijdspanne dat er geluid wordt en het uur, ’s morgens, ’s middags en/of ’s avonds, kunnen onze buitenmensen aanstonds zeggen met welke dienst de afgestorvene zal uitgevaard worden.

Het ogenschijnlijk eenvoudig gebruik van het luiden van de doodsklok herbergt toch een interessant protocol in zich, dat beschreven wordt in de bijdrage van Van Coppenolle. De kerkklokken dienden echt als communicatiemiddel bij het overlijden van een inwoner van een dorpsgemeente. We laten Van Coppenolle weer aan woord:

Aan het luiden van de klokken kan men weten welke dienst het is: kleine, middelbare of grote dienst, daar er respectievelijk geluid wordt met de kleine, middelbare of grote klok en ook gedurende een kwartier, een half uur of een uur. Dit luiden wordt herhaald daags vóór de begrafenis, ’s middags, ’s avonds, en ’s morgens de dag van de uitvaart.

Men luidt de doodsklok tot de begrafenisdag, • voor een hoogste dienst: drie maal 1 uur ’s morgens, ’s middags en ‘s avonds. • voor een middelbare dienst: 3 maal 40 minuten op dezelfde tijdstippen. • voor een laagste dienst: 2 maal 30 minuten: ’s morgens en ’s avonds.

Het is inmiddels wel duidelijk dat men erg geconcentreerd en oplettend naar de kerkklokken moest luisteren om optimaal geïnformeerd te willen zijn over een recent sterfgeval in jouw gemeente. De mensen konden aan het luiden horen of er een hoogste dienst was om negen uur ’s morgens, of een middelbare of laagste dienst respectievelijk om 7 en 8 uur ’s morgens! Hoewel een eerste klas begrafenis ook om half elf of om elf uur kan plaatsvinden.

Volgens Van Coppenolle zijn er ook nog gradaties in het luiden: Je kunt spreken over kleppen, luiden en wenen! Het luiden geldt de zware klok, het kleppen geldt voor de kleine klok en het wenen wil zeggen dat je met de hand de zware klok luidt!

Ga naar boven