Rouwen

De meest in het oog springende rouwdracht is de falie en de lamfer. Beide begrippen worden uitvoerig besproken in dit hoofdstuk over rouwen. Maar ook de verschillende rouwpoffers of afgeleiden daarvan komen ruimschoots aan bod.
Daarnaast bediende men zich bij een rouwstoet van een rouwmantel, die je in ’s-Hertogenbosch kon huren in zogenaamde mantelhuizen. Mannen zijn meestal gekleed in ’t zwart en men droeg in plaats van de dagelijkse pet een hoge hoed.
Verder maken we kennis met het begrip de rouw slepen. De rouwtijd bedroeg 1 jaar en zes maanden, hierop waren uitzonderingen, afhankelijk van de graad van verwantschap met de overledene.

  1. Rouwdracht
  2. Rouwtijd
  3. Rouwkleur
Ga naar boven